Industriële schoorsteen met uitstoot in een Belgische productiezone Industriële schoorsteen met uitstoot in een Belgische productiezone

CO2-krediet voor Belgische bedrijven: wat het is, hoe je het aanvraagt en of het relevant is voor jouw onderneming

Je ontvangt een mail van een grote klant die vraagt naar jouw CO2-voetafdruk, of je accountant wijst je op een nieuwe rapporteringsverplichting. Opeens staat het onderwerp op je agenda, terwijl je er tot nu toe weinig mee te maken had. Dit artikel legt uit wat CO2-kredieten concreet betekenen voor Belgische zelfstandigen en kmo’s, wanneer ze voor jou relevant zijn en wat je stap voor stap kunt doen, zonder omweg via beleidsjargon.

Vraag 1: Wat is een CO2-krediet eigenlijk, en is het hetzelfde als een emissierecht?

Niet helemaal. Een emissierecht geeft je de toelating om één ton CO2 (of een equivalent broeikasgas) uit te stoten. Die rechten vallen onder het verplichte systeem van de Europese Unie. Een CO2-krediet is een breder begrip: het slaat zowel op die verplichte emissierechten als op vrijwillige certificaten die je buiten het wettelijke kader kunt kopen om je uitstoot te compenseren. In de praktijk gebruiken mensen de twee termen door elkaar, maar voor jouw bedrijf maakt het verschil of je wettelijk verplicht bent of vrijwillig kiest.

Vraag 2: Welk systeem geldt in België, het Europese ETS of iets anders?

België maakt deel uit van het Europese Emissiehandelssysteem, het ETS (Emissions Trading System). Dat is het grote, verplichte kader. Wie eronder valt, moet emissierechten aanhouden die overeenkomen met de werkelijke uitstoot. Naast het ETS bestaat er de Effort Sharing Regulation, die nationale doelstellingen oplegt voor sectoren die niet in het ETS zitten, zoals landbouw, gebouwen en klein transport. Die nationale doelstellingen zijn de verantwoordelijkheid van de overheid, niet van individuele bedrijven. Als individuele ondernemer heb je dus in de eerste plaats met het ETS te maken.

Vraag 3: Mijn bedrijf stoot CO2 uit, betekent dat automatisch dat ik kredieten nodig heb?

Nee. De grote meerderheid van de Belgische zelfstandigen en kmo’s valt volledig buiten de ETS-verplichting. Je moet alleen wettelijk verplicht emissierechten bijhouden als je installaties exploiteert die boven bepaalde drempelwaarden uitkomen. Een winkel, een kantoor, een restaurant, een kleine bouwonderneming of een webshop met een magazijn valt er doorgaans niet onder, hoe bewust je ook omgaat met je uitstoot.

Vraag 4: Welke sectoren en drempelwaarden bepalen of je onder het ETS valt?

Het ETS richt zich op grote industriële installaties en de luchtvaartsector. De voornaamste criteria zijn de thermische capaciteit van je verbrandingsinstallaties en het type activiteit. Concreet:

  • Verbrandingsinstallaties met een thermisch vermogen van meer dan 20 megawatt (MW) vallen in principe onder het ETS.
  • Specifieke industriële activiteiten zoals staalproductie, cementfabricage, raffinaderijen, papierfabrieken en chemische installaties zijn eveneens opgenomen, ongeacht de exacte capaciteit.
  • Luchtvaartmaatschappijen die vluchten uitvoeren binnen de Europese Economische Ruimte vallen ook onder het systeem.

Een kmo met een stookoliebrander van 500 kilowatt voor verwarming zit ver onder de drempel. Een productiebedrijf met meerdere grote ovens of ketels moet dit laten nagaan.

Vraag 5: Hoe vraag je als Belgisch bedrijf emissierechten aan, de concrete procedure stap voor stap

Val je wel onder het ETS? Dan verloopt de procedure als volgt.

Stap 1: Stel vast of je installatie vergunningsplichtig is. Neem contact op met het bevoegde gewest. In Vlaanderen is dat het Departement Omgeving, in Wallonië de SPW (Service public de Wallonie), in Brussel Leefmilieu Brussel. Zij bepalen of je installatie kwalificeert.

Stap 2: Vraag een broeikasgasvergunning aan. Zonder deze vergunning mag je de installatie niet exploiteren binnen het ETS. De aanvraag bevat technische informatie over je installatie en een monitoringplan.

Stap 3: Stel een monitoringplan op. Je legt vast hoe je de uitstoot meet of berekent. Dit plan moet worden goedgekeurd door de bevoegde instantie.

Stap 4: Registreer je in het Unieregister. Emissierechten zijn digitale certificaten. Je krijgt een rekening in het Unieregister, het Europees platform waar alle rechten worden bijgehouden.

Stap 5: Dien jaarlijks een emissieverslag in en lever rechten in. Elk jaar voor 31 maart dien je een geverifieerd verslag in over de uitstoot van het voorgaande jaar. Voor 30 april lever je de corresponderende emissierechten in.

De verificatie van je jaarverslag moet worden uitgevoerd door een erkende onafhankelijke verificateur. Dit heeft een kostprijs, maar is wettelijk verplicht.

Vraag 6: Wat kost een CO2-krediet momenteel en waar wordt de prijs bepaald?

De prijs van een ETS-emissierecht schommelt en wordt bepaald op de Europese koolstofmarkt, vergelijkbaar met een beurs. De prijs wordt beïnvloed door de economische conjunctuur, het energiebeleid, koude winters die meer energie vragen en politieke besluiten over de hoeveelheid rechten die in omloop is. Begin 2026 lagen de prijzen in de buurt van 60 tot 75 euro per ton CO2, maar dat kan snel veranderen. Houd de actuele marktprijs bij via platforms zoals de European Energy Exchange (EEX). Bedrijven die meer uitstoten dan ze rechten hebben, riskeren bovendien een boete van 100 euro per ton overschrijding, bovenop de verplichting om de rechten alsnog in te leveren.

Vraag 7: Kan een kmo of zelfstandige buiten het ETS toch CO2-kredieten kopen of verkopen, en waarom zou je dat willen?

Ja, dat kan, maar dan praten we over de vrijwillige markt. Stel: je runt een evenementenbureau in Brussel en wil je klantenevents klimaatneutraal organiseren. Je hebt geen wettelijke verplichting, maar je wil je resterende uitstoot compenseren. Dan koop je vrijwillige CO2-kredieten, typisch via een erkend platform of rechtstreeks bij een projectontwikkelaar die bosaanplanting, methaanadaptatie of hernieuwbare energie financiert. Sommige bedrijven doen dit ook puur als marketingstrategie, om een klimaatneutraal label te voeren. Dat is je goed recht, maar wees eerlijk naar je klanten over wat je precies compenseert en hoe.

Vraag 8: Wat zijn vrijwillige CO2-kredieten en hoe betrouwbaar zijn die certificeringsschema’s?

De vrijwillige markt is minder gereguleerd dan het ETS, en dat vraagt om voorzichtigheid. Een CO2-krediet op de vrijwillige markt stelt voor dat ergens ter wereld één ton CO2 vermeden of verwijderd werd. De betrouwbaarheid hangt af van het certificeringsschema achter het project. De meest erkende standaarden zijn Verra (met het Verified Carbon Standard), Gold Standard en Plan Vivo. Een project dat gecertificeerd is door een van deze organisaties heeft onafhankelijke verificatie doorstaan. Vermijd aanbieders die goedkope kredieten verkopen zonder duidelijke documentatie over het onderliggende project. Een prijs van minder dan 5 euro per ton is een waarschuwingssignaal.

Vraag 9: Welke Belgische en regionale instanties zijn je aanspreekpunt?

Klimaatbeleid is in België grotendeels een gewestelijke bevoegdheid. Je aanspreekpunt hangt af van waar je bedrijf gevestigd is:

  • Vlaanderen: het Departement Omgeving (omgeving.vlaanderen.be) behandelt ETS-aanvragen en -vergunningen.
  • Wallonië: de SPW Environnement (environnement.wallonie.be) is bevoegd voor Waalse installaties.
  • Brussel: Leefmilieu Brussel (leefmilieu.brussels) begeleidt Brusselse bedrijven.

Voor federale coördinatie en bredere klimaatinformatie kun je ook terecht bij de FOD Volksgezondheid, Veiligheid van de Voedselketen en Leefmilieu, dat de Belgische positie in Europees overleg vertegenwoordigt.

Vraag 10: Wanneer is een CO2-strategie voor jouw bedrijf een verplichte noodzaak, en wanneer puur een keuze?

Dit is misschien de meest eerlijke vraag van allemaal. Als jouw installaties boven de ETS-drempelwaarden uitkomen, is een CO2-strategie geen keuze: het is een wettelijke verplichting met boetes als je ze negeert. Voor de overgrote meerderheid van de Belgische kmo’s en zelfstandigen is het echter een vrije keuze. En die keuze wordt steeds relevanter, niet alleen vanuit overtuiging, maar ook omdat grote klanten en aanbestedingen steeds vaker vragen naar een duurzaamheidsrapport of klimaatengagement. Als je levert aan grote bedrijven die zelf onder de Corporate Sustainability Reporting Directive vallen, kan de druk vanuit hun waardeketen op jou toenemen. Een kleine logistieke kmo die rijdt voor een grote retailer, kan vragen krijgen over haar uitstootcijfers, ook al is ze zelf niet ETS-plichtig. Een CO2-krediet kopen is dan niet de eerste stap: eerst breng je je eigen uitstoot in kaart, je vermindert waar mogelijk, en pas daarna compenseer je wat overblijft. In die volgorde, en niet andersom.

CO2-kredieten zijn voor de meeste Belgische zelfstandigen en kmo’s geen wettelijke verplichting, maar de zakelijke druk om er iets mee te doen neemt wel toe. Controleer eerst of jouw installaties boven de ETS-drempelwaarden uitkomen. Is dat niet het geval, dan kies je zelf hoe ver je gaat. Wil je toch aan de slag met compensatie, kies dan voor erkende certificeringsschema’s en begin met het terugdringen van je eigen uitstoot. Voor gratis advies op maat kun je terecht bij het bevoegde gewest: Departement Omgeving in Vlaanderen, SPW Environnement in Wallonië of Leefmilieu Brussel in het Brussels Gewest.